‘Als ik me niet aan mijn dagplanning houd, word ik gek’

Loop even mee

Met zijn blauwe overhemd, blonde lokken, corporale verleden, succesvolle start-up en VVD-ambities lijkt Vincent Karremans het lopende cliché van een economische EUR-alumnus. Toch is niet alles wat het lijkt, blijkt tijdens een hectische dag uit zijn leven. 

Afbeelding: 


NAAM:
Vincent Karremans
LEEFTIJD: 31
STUDIE: Rijnlands Lyceum Wassenaar (1999-2005), Erasmus Universiteit Rotterdam (master Economie (2005-2011, cum laude) & master Rechten (2005-2012). 
CARRIERE: oprichter & directeur carrièresite Magnet.me, lijsttrekker VVD Rotterdam, incidenteel spreker over ondernemerschap bij onder meer Erasmus Universiteit Rotterdam.
HOBBY'S: veel actieve sporten (zoals crossfit en hardlopen), geschiedenis (van de klassieke oudheid tot de Wereldoorlogen), uit eten met vrienden (wil je Vincent spotten, begeef je dan naar echt Rotterdamse plekken zoals de Ballentent of de Ooievaar) en wedstrijden van Feyenoord kijken.

 

Twee dagen voor de prijs van één. Zo voelt het om twaalf uur mee te lopen met Vincent Karremans, oprichter-directeur van carrièresite Magnet.me, tevens politicus. De van tevoren gegeven agenda toont een duizeling­wekkende lijst activiteiten, variërend van in alle vroegte crossfitten, tot ’s avonds laat debatteren bij Pauw. Maar wat voor normale mensen een uitputtingsslag lijkt, is voor de 31-jarige ondernemer een manier van leven. Dat begon op de middelbare school, waar hij op het gymnasium in Wassenaar tegelijk het International Baccalaureate volgde. Ook op de Erasmus Universiteit Rotterdam koos Karremans voor de weg van de meeste weerstand, door via het Mr.drs.-programma tegelijkertijd Rechten en Economie te ­studeren. En nu is het weer zover, want naast het ondernemerschap koos hij ook voor het lijsttrekkerschap van de VVD Rotterdam. 

‘Als 16-jarige sloot ik me af voor de rouw om mijn moeder. Daar heb ik later veel last van gekregen’

Vaag idee blijkt hit
‘Dat is mijn hele leven al zo geweest. Ik wil altijd dingen dubbel doen. Dat is het met ondernemers, die willen productief zijn. Ik word ongelukkig als ik dat niet ben.’ Maar, bezweert Karremans: hard werken is meer dan alleen de eigen psyche tevreden houden. ‘Ik heb niet één grote missie, maar ik heb wel het idee dat ik kan meehelpen. Aan de stad, bijvoorbeeld. Maar ook Magnet.me ben ik niet begonnen om geld te verdienen, maar omdat ik een missie heb.’ Karremans legt uit dat studenten van het hoger onderwijs voor hun stage of startersbaan vaak alleen in aanraking komen met usual suspects als Shell, Unilever of Deloitte. ‘Heel mooie werkgevers, maar er zijn ook waanzinnig veel interessante bedrijven daarbuiten. Die zijn alleen lastiger te vinden. Daar is Magnet.me voor opgericht.’ Het is een succes. Wat in 2011 begon met een mail aan een vriend met een wat vaag idee (een conversatie die trots ingelijst hangt in de vergaderruimte van Magnet.me in het Industriegebouw), biedt nu onderdak aan ruim dertig medewerkers, inclusief die bij een dependance in Londen. ‘We krijgen elke week berichten van mensen die een baan of stage hebben gevonden bij bedrijven die ze zonder ons nooit hadden gevonden. Dat vind ik vet.’

Zondagskind?
Wie weleens in Rotterdam komt, moet Vincent Karremans kennen, bewust of onbewust. Zijn hoofd hing namelijk vrijwel overal in de stad op de verkiezingsposters van VVD Rotterdam. Op het eerste gezicht is hij een lopend cliché van de economische EUR-alumnus. Het corporale air (inclusief referenties als ‘vriendjes’ en de studentikoze tongval), de combinatie van nette schoenen-spijkerbroek-blauw overhemd, de blonde haren, hij heeft het allemaal. Ook het profiel matcht honderd procent: opgegroeid in Wassenaar, gymnasium probleemloos doorlopen, economie en rechten aan de EUR, voormalig president van het Rotterdamsch Studenten Corps, succesvol ondernemer. Vincent Karremans is alles wat je verwacht van een politiek actieve ondernemer. 

‘Ik dacht: ik ga alles uit het leven halen wat erin zit’

Maar achter de boomlange Karremans schuilt meer dan alleen het zondagskind met de eeuwige gouden lepel in de mond. In Wassenaar groeide hij bijvoorbeeld niet in een villa op, maar als zoon van een linkse tekenleraar (die ooit flyers uitdeelde voor de Politieke Partij Radikalen, maar tegenwoordig helpt om de VVD-borden van zijn zoon op te hangen) en een huisvrouw (die in haar vrije tijd kartonnen pennendoosjes maakte en verkocht; Vincent noemt haar als inspiratiebron voor het ondernemerschap). Ook de rest van het gezin past niet in het cliché. Zijn jongere broer is designer (bij Magnet.me), terwijl zijn zus na de ­kappersacademie ging werken als au pair. Bovendien verliep zijn leven verre van ­probleemloos. Op 16-jarige leeftijd overleed zijn moeder, hét kantelpunt in zijn leven. ‘Toen dacht ik: verdomme, ik ga nu ook alles uit het leven halen wat erin zit. ’En dus stortte Karremans zich monomaan op dat leven. Studie, voetbal, bijbanen: als iets kon, dan deed hij het – en slaagde hij erin. ‘Zo sloot ik me volledig af van het rouwproces. Daar heb ik later veel last van gekregen. Ik kon helemaal niet over mijn gevoelens praten, want ik had een aversie tegen pijn.’ Dat kostte hem onder meer een relatie. Inmiddels gaat het, mede dankzij veel goede en professionele gesprekken, beter. ‘Maar het zit nog steeds voor een deel in mij. Dat is een litteken dat blijft.’

Vergaderen met een timer
’s Ochtends, nog voor het debatcircus van de dag start, is Karremans ‘gewoon’ directeur. Dan overlegt hij bijvoorbeeld met zijn internationale team, waarin vijf twintigers hun ideeën presenteren om Britse studenten tegen betaling ambassadeurs te maken. Karremans’ reacties variëren van een ­jubelend: ‘Perfect, that’s fantastic!’ tot het afgemeten ‘I would phrase that a bit more clearly’. De dynamiek wordt al snel duidelijk: het team presenteert, Karremans instrueert. Hij maakt makkelijk grappen met zijn ­collega’s, maar hij is de baas. Want als Karremans met zijn hand op tafel slaat en ‘all right’ declameert, dan is het klaar. Boem. Een van de stagiairs vindt dat pragmatische wel fijn, vertelt hij achteraf. ‘Het team zit bij elkaar om keuzes te maken. Wij bereiden het voor, Vincent helpt bij de beslissingen. Dat werkt goed.’ 

Maar wat Karremans precies doet bij Magnet.me? ‘Mijn vriendin weet dat ook niet. Dat komt omdat het belachelijk divers is.’ In ieder geval gaat hij eens per twee weken op en neer naar Londen, waar hij bedrijven probeert te interesseren voor het concept van zijn bedrijf. De Rotterdammer in hem jubelt als hij vertelt hoe hij naar Londen reist. ‘Ik kan naar het vliegveld fietsen. Echt briljant. Er is geen enkele andere stad waar je dat kan doen.’ In Rotterdam is Karremans vooral bezig met groei, in de breedste zin des woords. Hij traint zijn salesmensen, coacht makers van groeiplannen, schrijft strategieën, en heeft meetings. Veel meetings. ‘Ik word erg geleefd door mijn werk. Elke ochtend maak ik in vijftien minuten een dagplanning waar ik me aan hou, anders word ik gek.’ De weekenden, met daarin tijd voor vrij werk, vindt hij daarom heerlijk. Maar het betekent ook dat de ondernemer weken van 60 à 70 uur maakt. Efficiëntie is daarom cruciaal. Trots laat hij een aftelklok zien in de vergaderruimte. Is de tijd op, dan gaat er een alarm af. ‘Deze wil ik ook ophangen in de fractiekamer van de VVD op het stadhuis.’ Dat wordt nog wat, Karremans op de Coolsingel.

Menselijker klinken moet
Het politieke dubbelleven start vandaag om één uur, als een voormalig VVD-kamerlid en de perschef van de partij bij Magnet.me binnenkomen om Karremans te ‘preppen’ voor de debatten die vandaag op stapel staan. ’s Middags kruist hij de degens met negen andere partijen tijdens het studenten­debat op Woudestein, ’s avonds schuift hij aan bij een speciale Rotterdam-editie van Pauw in de Maassilo. 

Dat ‘preppen’, aan de hand van de vijf te behandelen stellingen die middag, levert al snel een ander beeld van Karremans op. Want waar hij als directeur ervaren en trefzeker te werk gaat, daar moet hij als politicus nog vaak zijn vorm en inhoud vinden. ‘Geef me even wat kernwoorden,’ vraagt hij dan, onderwijl op papier die steekwoorden omcirkelend. Die onzekerheid ontstaat ook omdat het VVD-duo hem vaak verbetert, variërend van ‘Wat je zegt is te vaag’ tot ‘Korter, Vincent, punt erachter!’ Bovendien slaat de vermoeidheid toe. Terwijl het duo op hem inpraat, krijgt Karremans rode ogen, gaapt hij soms, of verdwijnt al starend in de oneindigheid. Maar hoort hij iets concreets, dan is hij opeens weer helemaal terug. Nachtelijke metro’s? ‘Da’s onwijs duur, D66 wil het wel, maar die weten niet waar ze het van ­moeten betalen.’ En de stelling over hoe je ondernemers helpt: ‘Hee, luister guys, ik was zes jaar geleden zelf zo’n starter, ik weet precies wat die mensen nodig hebben.’ Terwijl de inhoud vorm krijgt, moet de vorm zelf ook beter. Karremans heeft twee valkuilen: hij praat te lang en hij klinkt te boos. En dus maant zijn perschef hem hoger te praten, zodat hij vriendelijker overkomt, ­terwijl het ex-kamerlid hem blijft afkappen als hij weer uitweidt. Na drie keer oefenen lukt het, waarbij een wonder geschiedt: opeens klinkt Karremans visionairder. Menselijker ook. En dus aimabeler.

‘Wethouder worden is de ultieme springplank, maar dat doe ik niet. Ik wil ondernemer zijn’

Ingestudeerd, maar soepel
Eenmaal op Woudestein aangekomen, beweegt de VVD-lijsttrekker zich als een vis in het water. Het debat is georganiseerd door de studentenverenigingen, en als voormalig president van RSC heeft hij in die gelederen veel bekenden rondlopen. Bovendien staat hij sinds die tijd ook op goede voet met rector magnificus Huib Pols, met wie hij lange tijd bijpraat. Van nervositeit is niets te merken.



De eerste winst boekt Karremans niettemin al voor het debat, tijdens een informeel gesprek met een verslaggever van NOS, die onderzoekt of de verkiezingen over meer gaan dan over identiteit en etniciteit alleen. ‘Ik vroeg de afgelopen maanden honderden Rotterdammers waar volgens hen de ­verkiezing over gaat,’ vertelt hij even soepel als ingestudeerd. ‘Niemand zei ‘afluisteren in moskeeën’ of ‘de islam’. Mensen zitten over heel andere zaken in. Dáár zijn wij mee bezig.’ De verslaggever vraagt of hij even kan blijven staan voor een interview. Die is alvast binnen.Tijdens het debat blijkt dat het preppen niet voor niets is geweest. Karremans heeft de opgelegde grenzen hard nodig, want uit zichzelf reageert hij overal op. Door de voorbereiding houdt hij zijn punten niettemin kort, terwijl zijn toon vaak positief en vriendelijk is. En hoewel die gretigheid soms voor irritatie zorgt bij zijn concullega’s (‘Niet zo hijgerig Vincent, nu mag de rest even wat zeggen’, vermaant de D66-lijst­trekker hem), vindt het publiek het prachtig. Kritiek van bijvoorbeeld GroenLinks dat de VVD in het verleden vaak tegen acties was waar Karremans nu voor is, wordt direct vakkundig gepareerd. ‘Acht jaar geleden? Toen zat ik hier nog op de EUR.’ Applaus valt hem ten deel. 

Mooie baan
Maar winnen eist ook zijn tol. Na afloop staat Karremans er wat uitgeblust bij, terwijl het debat bij Pauw pas om elf uur ’s avonds begint. ‘Ik moet echt even slapen, al is het maar een half uur.’ Maar omdat het debat is uitgelopen én hij nog geïnterviewd wordt door RTV Rijnmond, is de tijd daarvoor ­verlopen. Toch lukt het hem zich weer op te laden, zo tussen de maaltijd en de tweede prepsessies door. Tijdens de eerste debat­ronde aan de tafel van Jeroen Pauw in de Maassilo komt hij nog matig uit de verf, als een soort boze linkerhand van Leefbaar Rotterdam-lijsttrekker Joost Eerdmans. 

In ronde twee herpakt Karremans zichzelf, als hij als enige rechtse partij aan tafel zit en niet overschaduwd wordt door Eerdmans’ rust en eloquentie. Bovendien scoort hij ook bij de aftiteling nog wat bonuspunten. Want terwijl de andere politici stoïcijns of vermoeid voor zich uit staren, zit Karremans – natuurlijk met zijn blauwe overhemd – lachend op een stoel, ­geanimeerd pratend met deze en gene, of meeklappend en -zingend met het optreden van The Kik. Hun plaat: ‘Dat kan alleen in Rotterdam’.
 



Rest de vraag: is Vincent Karremans nu ondernemer of politicus? Hij lacht, stráált, en antwoordt direct. ‘Ondernemer. Ik wil ook geen wethouder worden. Fucking mooie baan, je verdient ontzettend veel geld, en het is de ultieme springplank om verder te komen. Maar dat doe ik niet. Ik ben ondernemer, daar ligt mijn passie. Honderd procent zeker.’ 
 

TEKST: Inge Janse
FOTO’S: Mark Uijl

Vincent Karremans